• Pr-foto

Daling werkgelegenheid agrarische sector

REGIO Het aantal ww-uitkeringen is in juni verder afgenomen. In de regio's Noord-Holland Noord (4,8%) en Zaanstreek/Waterland (3,4%) was de daling aanzienlijk sterker dan landelijk (-2,1%). In Zuid-Kennemerland en IJmond was de daling met -1,1% minder sterk.

Het aandeel banen kan in de verschillende regio's per sector sterk verschillen. Een sector waarvoor dat geldt is landbouw, groenvoorziening en visserij. Landelijk is dit, met ongeveer 1,3% van alle werkgelegenheid, een zeer kleine sector. In Noord-Holland Noord is dit aandeel met 4,4% echter aanzienlijk groter; ongeveer 11.500 mensen zijn werkzaam in deze sector.

Uit de onlangs gepubliceerde Factsheet Agrarische en groene sector blijkt dat deze sector een van de weinigen is met meer zelfstandigen dan werknemers. Naast het aantal zelfstandigen, komt het in deze sector ook regelmatig voor dat gezinskrachten meewerken. Hoewel er sprake is van een seizoenseffect in de werkgelegenheid, vallen de piekperioden niet voor elke deelsector op hetzelfde moment. Daarnaast worden veel mensen juist in deze piekperiodes ingehuurd via uitzendbureaus en niet direct door de werkgever zelf. Vooral in de open landbouw en in de bollenteelt wordt veel gebruikgemaakt van uitzendkrachten uit Midden- en Oost-Europa. In juni werden er ruim 300 ww-uitkeringen verstrekt in de agrarische sector, een afname van ruim 17% ten opzichte van januari.

De werkgelegenheid in de agrarische en groene sector is wel aan verandering onderhevig. Mede onder invloed van schaalvergroting neemt de werkgelegenheid in Noord-Holland Noord tot in 2020 met ongeveer 1% af. Ook veranderingen in consumentengedrag beïnvloeden de sector. Zo is er steeds meer aandacht voor duurzaamheid en zorgen agrarische bedrijven steeds vaker voor aanvullende inkomsten. Kamperen bij de boer en boerenwinkels zijn daar voorbeelden van. De sector heeft ook te maken met een verdergaande mechanisatie, waardoor de vraag naar technisch geschoold personeel steeds verder toeneemt.